Print deze pagina

Kruinflitsen juni 2012

(alle foto's: Veerle Heyman, behalve de roodkopklauwier: Robby De Winter)

Zeldzame bezoekers in het overstromingsgebied!
Op 17 mei begeeft Robby DW zich naar de trektelpost niet ver van Kallebeek op de Scheldedijk. Onderweg ziet hij een vogel zitten, die hij nog niet eerder gezien heeft... of wel? Het beestje lijkt wel op de klapekster die hij in het najaar ook voor het eerst opmerkte in de polder, maar deze vogel is toch enigzins anders. Hij neemt een foto en laat hem aan de doorwinterde vogelkijkers zien: een roodkopklauwier! Blijkbaar is de vogel op één of andere manier van zijn koers afgeweken en hier terechtgekomen. De roodkopklauwier lijkt wel wat op de klapekster en is er zelfs familie van, maar zoals zijn naam het zegt, heeft hij een rode pet op. De klapekster en roodkopklauwier behoren tot de familie van de klauwieren, het zijn middelgrote zangvogels. Ze hebben een lange staart, krachtige snavel met haakvormige punt, krachtige poten, scherpe nagels en doorgaans een brede donkere band door of achter het oog. Ze kunnen lange tijd bewegingsloos in een top van een boom of struik zitten, loerend naar een prooi. Die prooi kan een insect, hagedis, klein knaagdier of een kleine vogel zijn. De roodkopklauwier is een voormalige broedvogel van Nederland en België, maar is nu een zomergast. Hij broedt in open bebost terrein met open plekken. De roodkopklauwier heeft maar één dag gelogeerd in de polder.
Twee dagen later zat alweer een zeldzame gast in de polder aan Kallebeek: de grote karekiet! Eveneens een zangvogel, lijkend op zijn kleine broer, de kleine karekiet, maar vanzelfsprekend een stukje groter. Ook zijn zang is krachtiger dan de Kleine karekiet: hij zegt werkelijk zijn naam. De grote karekiet broedt bij voorkeur in uitgestrekte rietvelden, vaak aan de rand of in open plekken. Het rietveldje waar hij inzit nabij Kallebeek beantwoordt niet echt aan zijn behoeften, maar misschien vindt hij het wel knus want hij zit er nog steeds! Dat zou laten vermoeden dat er een koppeltje zit. Wie weet?!
Een eindje verderop naar Kruibeke toe huist dan weer een snor! Rare naam voor een vogel, tot je zijn gezang hoort: een echt "snorrend" geluid! Het lijkt wat op de sprinkhaanzanger maar is wat dieper van toonaard. Het is eveneens een zeldzame vogel, maar er zijn meerdere exemplaren waargenomen in de polder. De snor zou ook broeden in de polder.

(Zeldzame) libellen aan de Rupelmondse Kreek
Aan de Rupelmondse Kreek is het paradijs voor libellen en waterjuffers. Ook hier zijn een aantal zeldzame beestjes te vinden. Zo is er de Bruine korenbout (foto links), waarvan, ondanks de naam, de mannetjes toch blauw zijn. De libel lijkt op de gewone oeverlibel (foto links onder)en de platbuik (foto rechts). Maar in vergelijking met de oeverlibel heeft het mannetje een driehoekige vlek aan de basis van zijn achtervleugels. In vergelijking met de platbuik is het achterlijf slanker en de platbuik heeft aan de basis van beide vleugels driehoekige vlekken. Het vrouwtje is dan weer wel oranje, geelbruin tot okerbruin met een zwarte rugstreep. Volgens de veldgids "Libellen" van KNNV komt de bruine korenbout enkel voor in Klein-Brabant en Noord-Limburg, maar dus ook aan de Rupelmondse Kreek!


 

Een andere zeldzame soort is de glassnijder (foto links). Het is de vroegste glazenmaker, een familie van libellen. Het is een mooie veelkleurige libel, compleet anders dan de bruine korenbout. Zijn biotoop zijn stilstaande of zwakstromende wateren, meestal met zomen van riet, biezen of zeggen. Volgens de veldgids "Libellen" is hij in Nederland algemeen, maar in België zeldzaam. Hij zou beperkt zijn tot delen van de Kempen... en toch ook aan de Rupelmondse Kreek! Een andere soort die ik ook waarnam aan de Rupelmondse Kreek is de smaragdlibel (foto rechts). Die komt algemeen over heel België voor. Ik had ze echter nog nooit eerder gezien. De libel heeft een metaalglans en behoort tot de glanslibellen, alweer een compleet andere familie van libellen dan de korenbouten en de glazenmakers.





Jong geweld
Echt lenteweer hebben we amper gehad, maar de vogels maakten wel de lente in mijn tuintje! Vorig jaar had ik de zanglijster enkele keren horen zingen 's avonds. Maar dit jaar hoorde en zag ik de vogel bijna dagelijks. Mooi is dat gezang, zeer herkenbaar: een reeks noten wordt telkens 2 tot 4 keer terug herhaald gevolgd door een helemaal andere reeks noten, die terug 2 tot 4 keer herhaald wordt. Ik zag het koppel zanglijster ook foerageren in mijn tuin en vond er zelfs een bescheiden lijstersmidse! En op 27 mei zaten er plots 3 zanglijsters in mijn tuin! Vader of moeder lijster met 2 jongen! De 2 jongen (foto links) zaten geduldig te wachten tot hen wat voedsel toegeschoven werd... Mooi was dat!
En ook een moeder of vader spreeuw kwam met 2 nog grijze jongen (foto rechts) zoeken naar voedsel! Die 2 waren niet zo geduldig, ze zaten druk te bedelen en het eten kon niet vlug genoeg komen!
In de week van 15 juni zijn ook de koolmeesjes uitgevlogen. Vader en moeder koolmees hadden in plaats van het mezenkastje de veel grotere en diepere spreeuwenkast uitgekozen om te nestelen. Daartoe hadden ze wel 15cm nestmateriaal, voornamelijk mos aangebracht. (Ik heb een mooi mosgazonnetje met amper gras ertussen, dus dat zal nogal meegevallen hebben). Op die berg mos hebben ze een aantal meesjes grootgebracht maar er zijn er ook 2 gesneuveld, die lagen nog in het nestje, helemaal platgedrukt en uitgedroogd. Waarschijnlijk was er niet genoeg eten voorhanden.
En in op het grasveldje tegenover ons huis merkte ik een paar weken geleden een jonge groenling met moeder (of vader) op. Ook hij zat te bedelen voor eten....
Ook de jonge heggenmussen zitten nog ergens in de haag te bedelen om eten.
De huismussen zijn niet te tellen als er broodkruimels in de tuin gegooid worden. ook daar zijn vele jonge beestjes bij. Die vinden het makkelijker dat de ouderen de kruimels in hun bekje deponeren... terwijl ze met hun vleugeltjes zitten te trillen.
Heb jij ook mooie waarnemingen uit je tuin of in je omgeving? Laat het ons weten via !

Van “de Witte van Zichem, kersen en merels"
Ik kom nog uit een tijd toen “ De Witte van Zichem“ verplichte leerstof was voor leerlingen van het 1ste middelbaar. In het verhaal ging de Witte kersen plukken bij mijnheer pastoor en moest tijdens het plukken fluiten zodat de Witte geen kersen kon eten maar de Witte kon ze wel in zijn zakken steken natuurlijk. Ik moest weer eens aan de Witte denken toen ik onlangs, bij ons in de tuin, een merel voor mij zag lopen met een kers in zijn bek en volop liep te fluiten. Prettige verrassing!!!
Wil je weten hoe een merel én kan fluiten én kersen pikken, kom dan volgend seizoen (vanaf oktober 2012) naar onze natuurinfoavonden in de keet.
(Nand)

De gierzwaluwen van de getijdenmolen
Misschien zat je in april al uit te zien naar de komst van de gierzwaluwen? En verwachtte je dat je ook dit jaar het koppel gierzwaluwen uit de getijdenmolen in Rupelmonde kon volgen via internet? Helaas moeten we je teleurstellen: omwille van technische redenen is het niet meer mogelijk om de beelden via onze site uit te zenden. We wilden jullie toch op de hoogte houden door enkele beelden te gaan opnemen met een digitale videocamera maar ook daar zijn we gestrand op een technisch probleem: de webcam in het nest heeft het begeven! Wat we wel kunnen zeggen is dat het koppel toch zeker 2 jongen heeft want we hoorden wel heel wat geluidjes van jonge giertjes in het nest. Dus ook daar is het lente!

Futenfamilies op de Rupelmondse Kreek
Dit voorjaar zag ik 3 koppeltjes futen op de Rupelmondse Kreek. Dit was een beetje ongewoon, vorige jaren zag ik telkens maar één koppeltje. Volgens de watervogeltellingen zouden er 4 koppels futen zitten. Of ze allemaal met succes gebroed hebben weet ik niet, maar zeker 2 koppels heb ik met de gestreepte jongen zien rondzwemmen. Eén koppeltje heeft 2 jongen, het andere heeft al 3 flinke grote jongen. Alhoewel eentje toch nog mee op de rug van één van de ouders meereisde toen ik ze zag.