Print deze pagina

Najaarstellingen van de trekvogels

De tellingen op de telpost Kruibeke (Oude Veerstraat, nabij de overloopdijk) startten, zoals ieder jaar, begin augustus. Op 12 september ging ter hoogte van Rupelmonde een tweede telpost van start. Zo is het 600 ha gebied goed vertegenwoordigd in de tellingen.

Tussen beide telposten wordt goed gecommuniceerd om schaarse en zeldzame soorten door te seinen.

In augustus werden de eerste ooievaars gezien en verschillende waarnemingen van kleine zilverreigers.

Ook de zwaluwen begonnen naar het zuiden te trekken, vooral de gierzwaluw was bij de eersten en tegen half augustus had 90% zijn broedgebieden al verlaten, iets later volgden dan de huis-, boeren- en oeverzwaluwen.

Ook enkele roofvogelsoorten begonnen hun tocht naar het zuiden. De wespendieven startten eind augustus, (telkens 2 exemplaren op 29 en 30/08), de bruine kiekendieven  en ook de visarend werden al gezien nabij de telpost met telkens 1 exemplaar op 29/08 en 12/09.

In de maand september steeg de intensiteit, zowel van aantal als soort. Er werden 4 goudplevieren gezien op 5/09, 4 bruine kiekendieven op 5/09 en 3 exemplaren op 20/09, 2 wespendieven op 5/09, 2 regenwulpen op 5/09 en op 6/09 trokken 27 gele kwikstaarten over de telpost.

Bruine kiekendief - Foto: Johan Colman

In september trokken massaal de graspiepers over en ook enkele boompiepers werden opgemerkt. De pleisterende cetti’s zanger nabij de telpost op 20/09 was een zeldzame verschijning.

De algemene soorten die nog vertrokken in september waren blauwborsten, kleine karekieten en zwartkoppen, maar voor de bosrietzanger werd het aftellen geblazen.

Oktober is de maand van de vinken, lijsters (zanglijster, grote lijster, koperwiek, kramsvogel), ook  de graspiepers doen nog mee, maar de jaarlijkse topdagen met goede roofvogeltrek bleven dit najaar uit.

Toch hadden de tellers enkele mooie momenten: Er werden op 4/10 675 exemplaren graspiepers geteld, op 18/10 vlogen 4 grote zilverreigers over de telpost, maar een nieuw record werd gevestigd op 31/10 met maar liefst 14 overtrekkende exemplaren.

Kieviten scoorden goed op 10/10 en 31/10 met 340 en 526 exemplaren, de beste dag voor vinken was op 18/10 met 678 exemplaren te Kruibeke en 963 exemplaren te Rupelmonde.

Een rode wouw werd gezien op 25/10 (3 exemplaren te Rupelmonde) en er trokken 7 buizerds over op 10/10.

Een blauwe kiekendief vloog over Rupelmondse telpost op 9/10 en een pracht van een velduil liet zich enkele malen mooi bekijken tijdens zijn vluchten boven de rietkragen.

De leeuweriken zoals de veldleeuwerik scoorden het hoogst op 31/10 met 483 exemplaren te Kruibeke (474 te Rupelmonde). Voor de boomleeuwerik stond men best te Rupelmonde, er werden op 18, 23 en 31/10 liefst 30, 36 en 6 exemplaren gezien (13 exemplaren op 18/10 en 11 exemplaren op 8/11 te Kruibeke).

Goede lijstertrek liet lang op zich wachten, maar op 31/10 waren we bij de Kruibeekse telpost getuige van een nooit geziene koperwiekentrek. Hoog boven onze hoofden vloog een immense groep van waarschijnlijk enkele duizenden vogels over, onmogelijk te tellen, fantastisch toch!

Met zowel ‘s nachts als overdag te warme, te zachte temperaturen tot eind oktober en dan ook nog de vele gunstige rugwinden (Noordelijke winden) voor de trekvogels, bleef het voor de veldwaarnemer meerdere malen beperkt tot een gezellige babbel. Dit heb ik in 30 jaar vogels kijken nooit eerder meegemaakt, ... opwarming van de aarde! Alle vogelsoorten bevinden zich dan op grotere hoogte,  het is zoals onze noorderburen de Nederlanders zo mooi kunnen zeggen “alles zit loei hoog”.

Niets is zo complex als de vogeltrek en het blijft onvoorspelbaar maar ik kijk al uit naar volgend voorjaar, de tellingen beginnen dan het eerste weekend van maart en eindigen midden juni en iedereen is welkom om mee te genieten van het spektakel!

Johan Colman.

Grote Zilverreigers over de telpost - Foto: Johan Colman