Print deze pagina

Vogelmonitoring in KBR: evolutie tot 2009

Dit is geen wetenschappelijke analyse. Die mag je van specialisten als Geert Spanoghe van het INBO verwachten. Het is echter een kijk op de veranderingen zoals ik ze ervaar als Kruibeekse vogelkijker met mijn polderervaring.. Door de ingrepen van de laatste jaren is de polder voor ons, vogelkijkers, meer open geworden en zeker beter toegankelijk als monitor van dit gebied. Sommige soorten evolueren positief tengevolge van dit open landschap met nog heel wat kleine landschapselementen.


Kleinschalig- en boslandschap:

Wat vooral opvalt is de toename van de kleine zangertjes. Zo is voor mij de revelatie van dit jaar de vaste stek van broedende Roodborsttapuiten (in 2009 – 5 koppels, in 2008 en 2007 – 1 koppel, daarvoor vermoedelijk niets)

Dit is voor mij een aanduiding dat het kleinschalig landschap het heeft gewonnen van de monotone maïsakker landbouw en canada populieren bossen. De Gekraagde Roodstaart (1 broedpaar) is zelfs nog een meer kieskeurige soort die we toch al minstens 2 jaar op rij mogen begroeten.

Andere soorten die het in 2009 met het vernieuwde landschap goed deden zijn Nachtegaal (5 koppels), Wielewaal (4 k.), Koekoek (9 k.) en Fitis (5 k.). Daarbij kwamen nog Tuinfluiter, Matkop en Boomklever met telkens 1 koppel.


Rietpartijen en rietkragen:

Deze zijn fors toegenomen door het huidig maaibeheer. Een aantal vroeger zeer zeldzame soorten voor onze polder deden het in 2009 verrassend goed.

2009 2008 2007
Rietgors 10 koppels 4 koppels 2 koppels
Sprinkhaanzanger 10 koppels 3 koppels 3 koppels
Rietzanger 6 koppels 2 koppels 1 koppel

Bosrietzanger, Blauwborst en Kleine karekiet stegen samen met 23% van 184 (2008) naar 226 (2009) ondanks de werken in hun biotoop en het verdwijnen van de dijksloot.

Sprinkhaanzanger - Foto: Johan Colman

Nacht- en Dagroofvogels:

Uilen:

  • Bosuil:    (3 koppels in 2009) weet zich  te handhaven in de polder
  • Steenuil: (4 koppels in 2009, 2 koppels in 2008 en 1 koppel in 2007) is blijkbaar in zijn schik met het open kleinschalig terrein. In het verleden was voor hem Rupelmonde de enige vaste stek in de polder, terwijl hij in het landelijk gebied in Kruibeke vrij talrijk aanwezig was.

Roofvogels
  • Buizerd: (2009- 2008 – 2007  telkens 6 koppels) Ondanks massaal kappen van populieren is deze soort tot op heden constant gebleven.
  • Sperwer: in 2009 geen broedend koppel waargenomen. Vermoedelijk 1 koppel in Kruibeke buiten de ringdijk of in kasteel. Sperwer werd toch  frequent waargenomen tussen de vluchten Gierzwaluwen in buurt Broekdam Noord - Oude Veerstraat.
  • Wespendief: 1 koppel broedt in de kooi in Bazel. Werd dit jaar waargenomen met raten, vermoedelijk naar zijn nest vliegend. Dit is wel een soort om te koesteren. De meeste Vlaamse natuurgebieden kunnen hier niet eens op hopen.


Weidevogels:

Deze blijven algemeen achterhinken op zoek naar een meer natuurlijke ommezwaai van onze polder als weidevogel gebied.

  • Kievit gaf in 2009 – 16 koppels,  2008 – 9 koppels en 2007 – 14 koppels op nest. Dit is voor een dergelijk gebied nog veel te weinig.
  • Scholekster, Tureluur en Grutto kwamen helemaal niet tot broeden. Grutto werd zelfs in het gebied buiten de trekperiode niet waargenomen.

Vernatting en staat van grasmat zijn nog verre van ideaal voor deze soorten.

Kievit - Foto: Dirk Braem


Andere merkwaardigheden:

Dit jaar werd een Grote Gele kwik met jong waargenomen in de buurt van de Kruibeekse kreek. Grauwe vliegenvanger is helemaal verdwenen. Bergeend leverde maar 2 broedparen, vermoedelijk door de werken.

Besluit:

De weidevogels en weidevogelgebied hebben nog een lange weg af te leggen willen we de Europese normen (iets meer dan 100 broedparen) halen.  Andere soorten profiteren reeds van de landschappelijke en vegetatieve aanpassingen. Interessant om volgen voor de toekomst.


Gilbert Smet